Verlichting

Verlichting

Verlichting zorgt voor 14% van het stroomverbruik van een gemiddeld huishouden. Je kunt veel energie besparen door de lampen wat vaker uit te zetten en door spaar- of ledlampen in te draaien in plaats van gloeilampen. Een gloeilamp verbruikt vijf keer zoveel stroom als een spaar- of led-lamp. Je hebt een led- of spaarlamp bovendien al redelijk snel terugverdiend. Sinds september 2012 mogen geen gloeilampen meer in de handel worden gebracht. Winkels mogen wel nog hun eigen voorraad verkopen, maar uiteindelijk zullen de gloeilampen helemaal uit de handel verdwijnen.

Tips energiezuinig verlichten

Vervang verlichting die nog niet energiezuinig is

Vervang gloeilampen door energiezuinige lampen als led- of spaarlampen. Begin hierbij met lampen die vaak aan zijn en veel vermogen hebben (veel watt). Zie Energiezuinige lamp kiezen voor een keuze-hulp of vul het Advies op maat van Milieu Centraal in.

Ga slim om met verlichting

Probeer te zorgen voor zoveel mogelijk daglicht in de verschillende ruimtes in je huis en door te kiezen voor lichte kleuren die licht weerkaatsen.

Doe lampen uit als je een ruimte verlaat (ook als dat kort is). Laat ook energiezuinige lampen niet onnodig aan.

Gooi afgedankte lampen niet zomaar in de vuilnisbak

Gloeilampen en halogeenlampen mogen in de vuilnisbak. Afgedankte spaarlampen, tl-buizen, led-lampen en armaturen lever je apart in bij het klein chemisch afval.